Sounddesign in Eraserhead
Door Tuur Hendrikx en Yorick Goldewijk

 

Voor regisseur David Lynch is het misschien wel belangrijker om met zijn films een bepaalde sfeer over te brengen dan een verhaal te vertellen. Dit komt onder andere tot uiting in zijn gebruik van muziek en geluid. David Lynch en zijn crew werkten in een periode van zes jaar aan Eraserhead, Lynch's eerste speelfilm. Samen met sounddesigner Alan R. Splet maakte hij het industrieel klinkende sounddesign.
Eraserhead was ten tijde van de premiere een opzienbarende film die vandaag de dag nog steeds populair is bij het cultfilm-publiek. We hebben geprobeerd te analyseren hoe David en Alan te werk zijn gegaan. Tevens geven we een intepretatie van wat hun bedoelingen geweest kunnen zijn bij het tot stand brengen van het geluid.

 

Waar gaat de film over

Hoewel in de film tot op zekere hoogte een duidelijke plot heeft is het moeilijk om in enkele zinnen duidelijk te maken waar de film nu precies over gaat. Eraserhead is een 'gedroomd verhaal'. De droom speelt zich af in een andere werkelijkheid, met andere regels en andere logica. In zo'n droomwereld kunnen gebeurtenissen die in 'wakkere' toestand vreemd of onlogisch zijn juist heel normaal en voor de hand liggend zijn. De hoofdpersoon Henry, een kluizenaar die in een donker industrieel gebied woont, moet omgaan met de zonden die hij heeft gepleegd. Als hij na een dag werken weer thuis komt, hoort hij van de overbuurvrouw dat zijn vriendin hem uitgenodigd heeft om te komen eten in haar ouderlijk huis. Eigenlijk was hij haar alweer min of meer vergeten, getuige de doorgescheurde foto die hij uit een kast haalt om te kijken hoe ze er eigenlijk ook alweer uitzag. Het is ook de eerste keer dat hij de ouders van Mary X (zijn vriendin) ziet. Als snel komt hij er achter de hij niet zomaar is uitgenodigd. Mary X blijkt net te zijn bevallen. Het kind is een gedrocht waarvan nog niet is vastgesteld wat het nu eigenlijk is. Mary's moeder wil weten of hij de vader is, maar echt toegeven kan en wil hij niet. Hij wil er eigenlijk niets mee te maken hebben, maar het is onmogelijk voor hem om het feit te ontwijken. Uiteindelijk komt Mary X bij Henry in huis wonen maar al snel kan ze het gehuil van de 'baby' niet meer aan en vertrekt ze naar haar ouders. Die nacht droomt Henry over zijn knappe overbuurvrouw. Als hij wakker wordt, blijkt de 'baby' ziek te zijn geworden. Hij kan niets anders doen dan bij hem te blijven, iedere keer als hij een poging doet uit zijn kamer weg te gaan, begint het gedrocht te huilen. Ondertussen zoekt Henry naar uitwegen. Al vanaf het begin heeft de radiator een grote aantrekkingskracht op hem; iedere keer als hij ernaar kijkt, lijkt het of daar de oplossing ligt van zijn probleem. Hij droomt over de radiator en wat daar achter zit. Hij ziet een klein theater waarin een vrouwtje met opgeblazen wangen op de wormen die uit de lucht komen trapt, deze spatten onder haar voeten uit elkaar. Dan brengt zijn droom hem terug in zijn kamer waar Mary X weer naast hem in bed ligt. Mary X woelt hevig in haar slaap, ondertussen 'baart' ze lange wormen. Henry trekt ze uit haar en smijt ze tegen de muur waar ze uit elkaar spatten. Daarna, nog steeds in zijn droom, staat Henry in zijn kamer. De overbuurvrouw komt binnen en ze hebben seks in zijn bed wat later verandert in een bad met ondoorzichtig witte vloeistof waarin ze beiden helemaal onder water gaan. Het volgende moment staat hij zelf in het theater bij het vrouwtje met de opgeblazen wangen. Zij zingt een lied: "In heaven, everything is fine". Hij ziet in haar zijn ontsnapping en probeert dichter bij haar te komen, maar wordt verblind door het felle witte licht dat zij uitstraalt en wat er voor zorgt dat hij haar niet kan aanraken. Hij vlucht achter een hekje aan de rand van het podium. Daar vliegt zijn hoofd van zijn romp en valt op het podium. Op de plaats van zijn hoofd zit nu een hoofdje wat lijkt op dat van de baby. Henry's echte hoofd verdwijnt door de vloer en valt buiten op de grond (in de buurt waar Henry woont). Een jongetje pakt het hoofd op en brengt het naar een fabriek waar er gummetjes voor potloden van worden gemaakt Hierna wordt Henry wakker en hij herinnert zich zijn droom. Wanneer hij de deur van zijn kamer opent, ziet hij dat de buurvrouw innig vastgehouden wordt door een lelijke man. Gedesillusioneerd hierdoor gaat hij zijn kamer weer in en knipt met een schaar het verband dat om het lijfje van de baby zit open. Hiermee knipt hij ook het hele lijfje open en met de schaar prikt hij in de organen van het gedrocht. Hieruit komt een hoop bloed en viezigheid. Hierdoor komt hij weer bij het theater met het vrouwtje en nu kan hij haar wel aanraken. Hij omarmt haar en samen vervagen zij naar een leeg wit beeldscherm.

 

Wie is David Lynch

David Lynch werd in 1946 geboren in Missoula, Montana (Midden-USA). Hij was de oudste van drie kinderen. Zijn vader was een onderzoeksdeskundige voor het ministerie van landbouw. Hij deed veel onderzoek naar insecten en boomziekten. David was als kind zeer geïnteresseerd in het werk van zijn vader. Waarschijnlijk heeft David van hem de liefde voor organische vormen en materialen geërfd. Als kind al ontleedde hij vaak dode dieren, hij was geobsedeerd door de structuur van organen en huid. Door van een in eerste instantie vies en eng lijkend beest de afzonderlijke onderdelen te isoleren, ondekte hij de schoonheid hiervan. In zijn films komt deze voorliefde terug in het veelvuldig gebruik van 'viezigheid', zowel in beeld (close-ups van stucturen, gebruik van 'vieze' maar wel organische vormen zoals de 'baby' en de navelstrengen in Eraserhead) als geluid (veelvuldig gebruik van ruis, organische 'vies' klinkende geluiden). Een andere thema dat veel in zijn films voorkomt, namelijk de industrialisatie, komt waarschijnlijk voort uit de bezoeken die hij als kleine jongen bracht aan zijn oma in Brooklyn. De New Yorkse metro, de geluiden van de stad en de fabrieken maakten veel indruk op hem. In zijn films komen veel industriële geluiden en beelden voor.
Na verschillende verhuizingen door heel Noord-Amerika (altijd in bosrijke landbouwgebieden) kwam de familie Lynch uiteindelijk terecht in Alexandria, Virginia, waar David naar de high school ging. Hij had een onbezorgde jeugd, hij hield van tekenen, zwemmen en baseball maar vooral van dagdromen. Hij nam schilderlessen aan de 'Corcoran school of Art' in Washington DC samen met zijn vriend Jack Fisk, die later nog een kleine rol speelde in Eraserhead (als 'Man in the planet'). Samen huurden ze een studio in Alexandria. Geïnspireerd door Jack ging David (die tot dan toe vooral straattaferelen schilderde) steeds meer abstracte werken maken. Na zijn opleiding aan de high school verliet David het ouderlijk huis en begon samen met Jack een studie aan de Boston Museum school. Na een jaar stopten zij daar echter weer mee en maakten een korte reis door Europa. In 1965 begonnen David en Jack aan een opleiding aan de Pennsylvania Academy of Fine Arts. Deze studie maakte hij af. Ook ontmoette hij hier zijn eerste vrouw Peggy. Na verschillende schilderstijlen te hebben onderzocht, ondekte hij een eigen stijl die hij 'film paintings' noemde. Maar uiteindelijk vond hij dat er toch nog wat miste aan zijn schilderijen, namelijk geluid! Nadat hij een schilderij had gemaakt hoorde hij in zijn hoofd de geluiden die erbij zouden moeten horen. Meestal waren dit lange golvende geluiden, zoals wind of ruis. Hij wilde schilderijen maken zonder lijst, zonder grenzen. Vanaf dat moment begon hij met het maken van animatiefilmpjes. Het waren eigenlijk niet meer dan bewegende schilderijen met geluid. Het geluid moest als het ware het statische beeld in beweging zetten. In zijn tweede studiejaar maakte hij een korte film getiteld Six Figures. De film (eigenlijk een filmloop die steeds wordt herhaald) werd geprojecteerd op een sculptuur in de vorm van zes hoofden. Het beeld (ook zes hoofden) paste precies op de hoofden van de sculptuur. De geluidsbron bestond uit een sirene.
Zo ging David Lynch zichzelf steeds meer toeleggen op het maken van films. In 1972 begon hij aan de voorbereidingen van zijn eerste speelfilm Eraserhead.

 

Over Alan Splet

Alan Splet werd geboren in 1939 in ....? Als sounddesigner staat hij bekend om zijn gevoel voor geluid en detail. Hij heeft veel invloed gehad op het sounddesign in films zoals die vandaag de dag gemaakt worden. In 1979 ontving hij een speciale oscar voor zijn werk in de film The Black Stallion. Vanaf dat jaar werd sounddesign een vast onderdeel van de oscar-uitreikinging.
Alan Splet was werkzaam als accountant voordat hij sounddesign voor films ging doen; hij heeft geen opleiding met betrekking tot geluid gehad. Als kind leerde hij electronica van een oom in Philadelphia. In die tijd maakte hij met een vriend al radiohoorspelen. Een aantal jaren later vroeg Bob Colum, een vriend uit zijn kindertijd, of hij wilde komen werken als geluidsman voor een kleine filmmaatschappij die industriele films maakte. David Lynch die op zoek was naar een sounddesigner voor zijn korte film The Grandmother, klopte bij Bob Colum aan. Deze had het echter te druk en verwees hem naar Alan. Toen David werd aangenomen op het American Film Institute vroeg hij Alan weer om samen met hem het sounddesign te doen voor zijn eerste speelfilm Eraserhead.

 

Rol van geluid in Lynch's films

Veel regisseurs houden zich voornamelijk bezig met beeld. Vaak vinden ze het onderdeel geluid iets abstracts dat voor het grootste gedeelte maar door de sounddesigner en componist moet worden bepaald. Echter, in Lynch's creaties zijn geluid en beeld gelijkwaardige onderdelen van de gehele sfeer die een scene moet uitdragen. In al zijn films is hij ook nadrukkelijk aanwezig bij het tot stand komen van zowel het sounddesign als de muziek. Er wordt wel eens gezegd dat Lynch het medium film veranderd heeft wat betreft zijn gebruik van geluid. Zijn beeldgebruik is nog tamelijk gangbaar; meestal een linear verloop van het verhaal met flash-backs en forwards en een enkele keer een 'warp'; een onconventionele wending in de vertelling van het verhaal.
Geluid werd voor Eraserhead werd gemaakt, vooral gebruikt als versterking of verduidelijking van hetgene wat er op een bepaald moment te zien was. Lynch gebruikt geluid als een rode draad door de hele film heen; het geeft je het gevoel alsof je erin zit. Het geluid komt als het ware vanuit het beeld en zet het in beweging zoals Lynch dat al deed in zijn 'filmpaintings'. Als hij een machine laat horen, dan bestaat het geluid uit vele lagen afzonderlijke micro-activiteiten die zich herhalen. In het gangbare gebruik van dit soort geluiden in films zouden de geluiden gewoon doorklinken als er bijvoorbeeld een shotwisseling plaatsvindt. In Lynch's films echter, wordt deze op zichzelf continue stroom van geluid regelmatig onderbroken en weer opnieuw gestart. Zo ontstaat een sequence van geluiden die gestopt en gestart worden en zo een nieuwe continuïteit vormen; een montagemethode die meestal alleen toegepast wordt op beeld. Echter, door geluid en beeld beide op die manier te behandelen, wordt de film meer een 'flow', een sfeer waarin de toeschouwer door opgezogen wordt.
Lynch gebruikt veel industriële geluiden in zijn films. Hij groeide op in een landelijk gebied en deze klanken waren eigenlijk vreemd voor hem. Alleen als hij naar zijn oma in Brooklyn ging werd hij geconfronteerd met het industriele landschap, wat grote indruk op hem maakte. Het is aannemelijk te maken dat daarom juist dit soort geluiden voor hem pasten in de surrealistische wereld die hij creëert in zijn films. Zelf zegt hij: "I like the power of them (factorysounds) and it makes a picture in my mind, I like the idea of factories and factory life probably because I don't know much about them, I can just imagine a world and it leads to a bigger place where many strange and beautiful things can happen." Ook hieruit blijkt dat bij Lynch geluid en beeld gelijkwaardig zijn; het geluid kan voorkomen uit het beeld maar misschien nog wel vaker is beeld geïnspireerd door het geluid.
Ook wat betreft de muziek in zijn films gebruikt hij vaak een soortgelijke benadering. Meestal zorgt hij ervoor dat hij, voor ook maar een scene geschoten te hebben, weet waar hij welke muziek wil hebben. Bij het opnemen van de scene maakt de geluidsman een mix van het geluid op de set en de muziek zodat Lynch kan horen of het op te nemen setgeluid, de dialoog en het beeld bij de muziek passen.
Lynch's gebruik van geluid wordt soms wel eens vergeleken met het Franse Musique Concrete. Pierre Schaeffer was in 1948 de grondlegger hiervan. Musique Concrete bestaat uit fragmenten opgenomen geluid die op verschillende manieren gemanipuleerd en herhaald worden zodat er een muziekstuk onstaat. Bij de productie van Eraserhead (eind jaren '70) waren Lynch's bewerkingsmogelijkheden vrij primitief (effectapparatuur was toen nog erg duur en er waren nog niet zoveel mogelijkheden zoals in de moderne studio van vandaag) dus werd er voornamelijk gebruik gemaakt van tapetechnieken.
Wat betreft geluid was Lynch oorspronkelijk vooral betrokken bij het tot stand komen van het (gecomponeerde) sounddesign, maar later ging hij zich ook bezighouden met de muziek in zijn films of zoals hij het zelf zegt: "Ik ben via het schilderen in de film terechtgekomen, en ik denk dat je wel kan zeggen dat ik via het sounddesign in de muziek gekomen ben".
Sinds de productie van een van zijn laatste films, The Straight Story, beschikt Lynch over een eigen opname/mix studio waar ook het geluid bij beeld gemixt kan worden. "It`s a place to experiment. Experimenting is what I always wanna do with sound."

 

Mening van Splet en Lynch over het geluid in film

Lynch: 'Sound is almost like a drug. It's so pure that when it goes into your ears it almost instantly does something to you. The thing that I'm after is when the whole becomes greater than the sum of the parts. It's so beautifully abstract. There's a magical thing that happen that elevates it into another place. And it can't happen until everything is there. It can jump those last moments and it has something to do with sound and picture working together.'

Lynch: 'The sound adds so much. Everybody renting videos, but if they could hear it on the big screen the way it's supposed to be... The hair on your neck stands up.'

 

Samenwerking Lynch en Splet in Eraserhead

Alan Splet werkte op de geluidsafdeling van een kleine filmmaatschappij in Philadelphia en Lynch kwam daarheen voor hulp bij een van zijn korte filmprojecten (The Grandmother) en daar ontmoette hij Alan Splet. In de film was slechts één dialoog, de rest was sounddesign. Toen David Lynch aangenomen werd op de AFI (American Film Institute) hielp hij Alan aan een baan daar. Daar begonnen ze samen te werken aan Eraserhead.
Ze werkten samen in een kleine garage in een verlaten deel van het AFI-gebouw, waar ze zo goed en kwaad als het ging een geluidsstudio bouwden. Ze behangden de muren met dekens om het geluid zo schoon en puur mogelijk te behouden. Ze werkten verscheidene maanden samen aan het creëren van de geluiden en daarna waren ze bijna een jaar bezig met monteren.
Hun samenwerking resulteerde in een soundtrack die enorme invloed heeft gehad op hun latere geluidsproducties.

 

Totstandkoming van Eraserhead

Voordat Lynch begon met Eraserhead wilde hij eigenlijk beginnen aan een andere film, Gardenback. Om subsidies te krijgen voor het realiseren van deze film moest hij echter zoveel concessies doen dat hij er van af zag. Wat er over zou blijven van zijn oorspronkelijke idee was voor hem niet interessant meer.
In 1972 startte het filmen van Eraserhead. De AFI had hem toegezegd een film te mogen maken van 42 minuten op 35mm film, maar dan wel in zwart-wit, iets wat Lynch toch al wilde. Hij stuitte op een groot aantal ongebruikte kamers in het AFI complex, waar hij zijn eigen onofficiële Eraserheadstudio bouwde. Het filmen, iets dat overigens volgens de planning van Lynch in enkele weken klaar had moeten zijn, begon en liep, met lange tussenpozen, tot de lente van 1973. Toen besloot de AFI de subsidie stop te zetten, omdat de film te lang werd.
Iedereen die aan de film werkte, hield contact en probeerde oplossingen te vinden om het filmen weer te hervatten. Lynch heeft zelfs overwogen om een kleien poppetje Henry's rol te laten overnemen in de resterende scenes en deze frame voor frame te schieten. Dankzij financiële hulp uit verschillende hoeken kon het filmen echter weer hervat worden in mei 1974.
Er werd 's nachts gewerkt aan de film - alle scenes uit de film zijn 's nachts gefilmd, overdag was er vaak teveel lawaai en waren de filmlocaties in gebruik. Om de film te kunnen financieren had Lynch verschillende bijbaantjes en vaak moest hij 's nachts de productie stopzetten om kranten te bezorgen. In deze periode was Lynch net gescheiden en huisloos en verbleef hij illegaal in de kamer van zijn hoofdpersonage uit de film, Henry.
De AFI maakte het Lynch nog moeilijker door hem geen toestemming meer te verlenen voor het gebruik van de sets en apparatuur. In een heel kort tijdsbestek moest de film nu afgemaakt worden.
In 1975 werkte Lynch samen met Alan Splet aan het geluid van Eraserhead in een kleine garage die zij hadden ingericht tot geluidsstudio. Ze hadden weinig apparatuur, de meeste geluiden die in de film klinken zijn gemaakt met traditionele muziekinstrumenten, buizen, stokken en dergelijke. Langer dan een jaar werkten ze aan de soundtrack.
De wereldpremiere was in maart 1977 in Los Angeles. De kritieken waren slecht. Lynch besloot dat de film die toen nog een lengte had van een uur en vijftig minuten, drastisch ingekort moest worden om de kijker te blijven boeien. Niet minder dan twintig minuten werden geschrapt.
De verkorte versie werd opgemerkt door de distributeur Ben Barenholtz die er zeer enthousiast over was. Hij bracht de film uit in New York, in de Cinema Village, waar Eraserhead voor een lange periode op zaterdagnacht werd vertoond en een cultstatus verwierf; er kwam zelfs een Eraserhead fanclub en er werden buttons gemaakt met de tekst 'I saw it'.

 

Analyse van het geluid in Eraserhead

In dit hoofdstukje geven we een chronologische beschrijving van het verloop van de klanken, zonder ons, enkele uitzonderingen daargelaten, toe te wijden aan een eventuele betekenis of doel. We delen daarbij de film op in stukken op een manier die relevant is voor het geluid.

Henry's hoofd zweeft door de ruimte, de planeet en de arbeider

Geluid van wind en een lage droon als een trein in de verte, klanken van een andere wereld. Het geluid zwelt aan als de aandacht naar de planeet achter Henry's hoofd gaat De wind wordt hoger en feller bij het naderen van de planeet, alsof het geluid daar vandaan komt. Als de camera over het oppervlak van de planeet zweeft komt er veel lage ruis bij.
Als de arbeider in beeld komt klinkt er iets ritmisch, als een machine diep in de planeet. De arbeider haalt een hendel over en geluid van een enorme, roestige machine klinkt. De worm uit Henry's mond wordt opgezogen, hoge wind met een phaser er overheen klinkt samen met iets dat op het fluiten van een stoomlocomotief lijkt. Er blijft een geluid klinken dat lijkt op een zwerm sprinkhanen.

Henry loopt door een industriegebied richting huis

Op zijn weg langs vervallen fabrieken klinken stoomfluiten, machines en het piepen, kraken en vallen van metaal. De wind ruist en soms klinken vaag flarden orgelmuziek, als door de wind meegevoerd. Onder alles klinkt constant een lage droon, iets dat in de lucht hangt of iets dat misschien van de donkere en verlaten gebouwen klinkt.

In Henry's appartement

In de hal zijn alle geluiden verdwenen. Het enige dat overblijft is een lage ruis.
Voor de deur van zijn kamer volgt de eerste dialoog, scherp en koud over de constant aanhoudende ruis.
In zijn kamer zet Henry een plaat op. Dezelfde orgelmuziek die buiten soms voorbijzweefde klinkt. Henry verplaatst een aantal keren de naald waardoor veschillende korte fragmenten gehoord worden. Henry staart naar de radiator vanwaar het sissen van kokend water klinkt. Het tikken van uitzettende verwarmingsbuizen en wederom het geluid van een zwerm sprinkhanen zwelt aan totdat het haast lijkt alsof de radiator op springen staat. Met het aanzwellen sterft de muziek van de plaat weg. Als de aandacht van de kachel weg is blijft alleen het geluid van de sprinkhanen even hangen. De orgelmuziek komt niet terug.

Bezoek aan Mary X en ouders

De weg naar Mary's huis, die Henry voor een groot deel langs een spoorlijn voert, is vol van fabrieksgeluiden. De orgelflarden klinken soms weer en heel ver weg blaffen honden, de eerste duiding op ander leven in de eraserhead buitenwereld, zij het een dreigend en vervaarlijk levensteken. Buiten voor Mary's huis klinkt een oorverdovend kabaal van een stomende machine.
Binnen is het stiller, de constante ruis van de achtergrond treed naar voren, toch is het pijnlijk stil. Een vreemd piepend geluid klinkt en zodra het zich voldoende gemanifesteerd heeft, wordt de bron getoond: puppy's die melk bij hun moeder drinken. Het geluid dat zij daarbij maken klinkt nogal onwerkelijk, angstaanjagend bijna. Als vader X zich voorstelt en zich een beetje opwindt klinkt er een voorbijdenderende trein, die zijn onbeduidende woorden wel erg krachtig maakt.
Als ze gevieren aan tafel zitten is het voor de eerste keer in de film echt stil, een snijdende, ongemakkelijke stilte.
Henry snijdt de kip aan, deze gaat plotseling bewegen en hevig bloeden en produceert een soppend, viezig geluid. De moeder wordt op hetzelfde moment niet goed en kermt en kreunt luidkeels. Zij rent van tafel en Mary, ook overstuur, gaat achter haar aan. Henry blijft achter met vader X en weer heerst er stilte.
De moeder komt terug en wil Henry spreken. Zij loopt voor hem uit en hij volgt haar aarzelend. Uit de stilte ontstaan dreigende, hoornachtige geluiden, er volgt een electriciteitsstoornis. Een flikkerende lamp komt in beeld en de combinatie met het flikkerende licht suggereert plotseling dat de dreigende klanken niets meer zijn dan het geluid van de lamp die doorbrandt. Het licht valt uit en het is stil.
In het volgende shot zien we oma in de keuken als een soort verstild intermezzo, waarbij beeld en geluid weer tot rust komen, het bijna zwarte beeld is even lichter en het geluid is even vertrouwd.
Henry komt weer in beeld -staat nog steeds op dezelfde plek, overdonderd, en hij krijgt een bloedneus. Terwijl het geluid van een aanstormende trein aansterkt dwalen zijn ogen over de vloer naar de hond die vervaarlijk blaft, langs de bank naar het raam waar alles weer in een plotselinge stilte uiteenvalt. Er volgt zwart beeld.

Het gezin bij elkaar bij Henry

Henry ligt op bed en glimlacht, Mary voert hun monstertje. Van buiten klinken industriegeluiden, soms ook flarden orgel. Er klinken stikkende geluidjes van de etende baby, die zo mismaakt is dat hij/zij nauwelijks kan slikken. In de kamer tikt steeds iets.
's Nachts lijken alle geluiden anders, holler, zwaarder, verder weg, maar heftiger. Twee keer komt het raam van Henry's kamer in beeld. Het licht tegen de buitenmuur verandert, het geluid van een enorme klep die sluit suggereert dat al het licht langzaam buiten de Eraserheadwereld wordt gebannen.
De baby houdt maar niet op met huilen en Mary kan er niet meer tegen. Ze probeert haar koffer te pakken die klem zit onder het bed. Vanuit Henry's gezichtpunt lijkt Mary opgesloten te zitten in een gevangenis, de spijlen van het bed vormen de tralies waarachter zij overdreven jammerend vastzit, waaraan zij wanhopig sjort. Zij vertrekt.

Henry alleen

Zodra Henry naar de baby kijkt begint er een lage dreigende droon. Hij staat op en neemt de temperatuur op van het ding. Daarna loopt hij weer richting zijn bed, de droon blijft. Als hij omkijkt naar de baby volgt er een close-up van het hoofd van het monstertje dat onder de pukkels zit, de klanken zijn hard ineens en zeer dramatisch, als schelle orgelpijpen, hieronder klinken verontrustende stikgeluiden.
Iedere keer als Henry de kamer uit wil lopen om in zijn postvakje te gaan kijken, begint de baby te huilen, waardoor Henry opgesloten zit in zijn kamer.

Henry's droom

Henry valt in slaap en droomt van het podium in de radiator. Terwijl orgelmuziek klinkt (dezelfde orgelmuziek die in flarden soms langszweefde, maar nu duidelijk en direct), flitsen de podiumlampen aan. Een vreemde vrouw met misvormde wangen danst met kleine, aarzelende stapjes op de muziek, terwijl ze onder haar voeten wormen plet. Iets lijkt Henry weg te rukken uit zijn droom. De vrouw wordt met een zuigend geluid van het podium weggetrokken en Henry wordt wakker. Hij wrijft in zijn ogen wat een bizar, krakend geluid geeft.
Mary is plotseling weer in zijn bed. Zij beweegt zich spastisch en krabt zich heftig. Terwijl hetzelfde geluid begint dat ook klonk toen Henry zag dat de baby zo ziek was, baart zij lange wormen. Henry gooit ze tegen de muur bij het kastje, waar ze met een luide splet uiteenspatten. Dan toont het licht alleen nog de deurknopjes van het kastje en verzandt het dramatische geluid in het al eerder beschreven 'kastgeluid'. Een animatie van een worm volgt die piepend een dansje opvoert. Zijn piepen wordt steeds lager en lager, dan opent hij zijn bek en slikt het beeld in.

Vervolg van Henry's droom

Mary is weer weg, zonder dat de kijker haar ziet vertrekken, en er wordt geklopt. Er begint weer een lage droon. Henry doet open, lange tijd blijft het zwart, dan verschijnt het gezicht van zijn buurvrouw. Zij hebben seks in iets dat op een melkbad lijkt, terwijl over de droon heen boventonen aanzwellen, die alles tot een dikke, stroperige stroom maken. Het beeld wordt zwart en even zie je de planeet.
Dan komt de vrouw uit de radiator in beeld.

Vrouw in de radiator

De vrouw in de radiator zingt haar haar lied. Haar stem klinkt galmerig en ver weg. Aan het einde van het lied kom er een lage ruis op. Henry is nu ook in het theater. Hij loop het podium op naar de vrouuw. Ze houdt haar handen voor zich gevouwen alsof ze bidt. Als ze haar handen een klein stukje van elkaar haalt komt er een hoger klinkende ruis bij de ruis die er al was. Henry probeert haar aan te raken maar iedere keer wordt hij verblind door een fel licht dat zij uitstraalt, er klinkt dan een hoog lopende band-achtig geluid. Dan vouwt ze haar handen weer en klinkt alleen nog de lage ruis. In een flits is ze verdwenen. Er klinkt een suizende wind als Henry kijkt naar de plaats waar de vrouw juist is verdwenen. Even ziet hij een flits van de man in de planeet waarbij harde krakende geluiden klinken. Nu rolt een piepend karretje met daarop een hoopje zand met een boompje erin (zoals die ook op Henry's nachtkastje staat) piepend het podium op. Henry gaat achter het hekje op het podium staan. Hij maakt met zijn handen een beweging alsof hij iets losdraait, en er klinken ook geluiden die dit suggereren. Henry's hoofd valt nu van zijn romp op het podium. Hierbij klinkt een industrieel geluid, als een machine die het eindprodukt 'uitspuugt'.
Op de plaats van zijn hoofd zit nu een hoofdje zoals dat van de baby. Er klinkt babygehuil, eerst eenstemmig maar later meerdere stemmen doorelkaar, het doet denken aan een groep huilende wolven bij middernacht. Henry's hoofd zakt nu door de grond en komt buiten terecht, ergens in de buurt van Henry's appartement.

In de fabriek

Het hoofd komt met een doffe klap terecht op de grond. Een klein jongetje pakt het op en rent er mee weg. Het loopt een gebouw binnen en we horen een op de achtergrond een stationair draaiende machine. De receptionist drukt een aantal keer op een electronische bel, deze klinkt nogal onregelmatig. De baas komt binnen en samen met het jongetje loopt hij naar de machine die in de kamer naast de receptie staat. De machinebediener boort in het hoofd en het uitgeboorde stuk wordt in de machinew gezet. De machine wordt in werking gezet door verschillende handelingen die worden uitgevoerd. Bij elke handeling klinkt er een nieuw, zich steeds herhalend geluid dat wordt toegevoegd aan het geluid dat er al was. De machine maakt potloden met een gummetje erop. De machinebediener test een potlood door er een stukje mee te schrijven en het daarna uit te gummen. Het gumsel blaast hij weg. Opeens is al het fabriekgeluid weg en horen we alleen nog een windgeluid met veel resontatie bij een beeld van rondzwevend en lichtgevend gumsel tegen een zwarte achtergrond.

Terug in Henry's kamer

Henry wordt wakker in zijn kamer. De resonantiewind gaat over in lage, dof klinkende ruis. In het volgende shot is hij opeens uit bed. Hij kijkt naar het lege bed en boven op het lage ruisgeluid klinken nu metaalachtige componenten. Buiten begint het hard te waaien. In het volgende shot staat hij op de gang voor de deur van zijn overbuurvrouw, hij is buiten zijn kamer en er klinkt nu een hoge fluitende ruis. Als hij weer terug is in zijn kamer is deze ruis weer weg en klinkt alleen nog de lage doffe ruis. De baby maakt nu een krakend, gemeen klinkend geluid. Het lijkt alsof hij Henry uitlacht. Henry gaat op bed liggen en in de achtergrond klinkt vaag de orgelmuziek van de vrouw in de radiator. De baby lacht weer. Opeens hoort hij een geluid vanuit de gang. Hij staat op en een statische orgeltoon zwelt langzaam aan. Hij doet zijn voordeur open en ziet de knappe buurvrouw innig omarmt met een lelijke man. Het orgel klinkt nu heel luid en fel. De buurvrouw ziet vanuit haar oogpunt Henry met het hoofd van de baby. Hierbij klinkt echter niet het orgelgeluid. Deze twee oogpunten worden een paar keer afgewisseld. Henry gaat weer naar binnen en doet zijn voordeur dicht. Door het sleutelgat ziet hij de deur van het appartement van zijn overbuurvrouw dicht gaan. De wind zwelt aan, en Henry kijkt kwaad naar baby, is hij immers niet de bron van al zijn ellende? Hij pakt een schaar uit de kast en een electronische laag klinkende droon komt op (50hz storing). Als hij met de schaar in de buurt komt van de baby zwelt het statische orgel weer aan. De baby maakt korte hijgerige geluidjes. Henry knipt de zwachtels door, maar snijd hierdoor ook het lijfje open. Het orgelgeluid wordt steeds luider, het lijfje barst open en we zien allerlei bloederige organen. Behalve het geluid dat de baby maakt klinken er nu ook allerlei krakende en 'vies' klinkende geluiden. Henry steekt met de schaar in de bolvormige organen van de baby. Vanaf de eerste steek klinkt er nu een hoog en fel doorklinkend geluid met met trillende toonhoogte. Henry loopt weg van de baby en het laatste geluid veranderd in een heftig resonerende ruis. Het is tijd voor de afschuwelijke climax, het licht begint te flikkeren en gaat uit. Alle geluiden gaan weg, alleen een doffe ruis blijft over.

Naar de hemel toe

We zien dat er een gat zit in de planeet. In de planeet probeert de man de hendel terug te zetten. Er klinkt een sirene en geluid van vonkend metaal. De man in de planeet kan het niet meer terug draaien. Het beeld wordt wit en er klinkt een koor-achtige, statische toon en we zien hoe Henry omarmd wordt door de vrouw in de radiator. Na enkele seconden wordt het beeld zwart en al het geluid gaat uit. Daarna aftiteling met de orgelmuziek.

 

Rol van geluid in Eraserhead

Lynch: 'The whole film is undercurrents of subconsious, it kind of wiggles around in there, and it's how it strikes each person. It's a dream of dark and troubling things.'
Als Lynch moest kiezen welke categorie geluid hem het meest intrigeert, zou hij kiezen voor fabrieksgeluiden. In Eraserhead is de soundtrack doorspekt met hamerende machines, piepend metaal en sissend stoom. Zijn grootste inspiratiebron voor zowel de gehele film als het geluid is misschien wel Philadelphia geweest. Lynch beschreef Eraserhead ooit als zijn wraak op Philadelphia,' the sickest city in America', waar hij als kunststudent tussen de fabrieken leefde.
Lynch: 'I love going into another world, and film provides that opportunity. Eraserhead way more than any other film, because I really did live in that world.'

Eraserhead zou het beste kunnen worden omschreven als een bizarre nachtmerrie, iets wat misschien wel in de eerste plaats veroorzaakt wordt door het sounddesign. Omdat vrijwel de hele film door geluiden klinken, al is het soms minimaal, zoals zachte onophoudelijke ruis of een droon en, heel ver weg, enkele verloren geluiden van fabrieken, zijn de meest vervreemdende resultaten misschien wel bereikt met de enkele complete stiltes die zich voordoen in de film. Deze stiltes maken van een vrij gewone scene een markante en dreigende situatie en dit is een van de punten waarin het sounddesign zijn belangrijke rol laat gelden. Wat je ziet is niet alles, er is meer aan de hand. Op dit moment gebeuren er dingen waar niemand weet van heeft, zo lijkt Lynch te willen suggereren in veel scenes in Eraserhead. Het lijkt soms of het geluid een ander, belangrijker verhaal vertelt dan de beelden je tonen, alsof het geluid een onderliggende stroom is van gebeurtenissen die je niet kunt zien, maar die misschien wel veel groter en ingrijpender zijn voor het verloop van alles. Soms komen er angstaanjagende climaxen in het geluid, die zelfs zo heftig zijn dat ze het beeld met zich meeslepen, zonder dat daar, gezien de zichtbare situatie, enige aanleiding voor is.
De scene waarin de vader van Mary X zich voorstelt aan Henry is een voorbeeld van de doorslaggevende rol die het geluid heeft wat betreft de spanningsopbouw in de film. De vader stelt zich voor en windt zich daarna nogal op over bepaalde zaken. Zonder geluid eerder een komische, en hooguit enigszins verontrustende indruk makend. Klanken die nog het meest doen denken aan een trein die recht op het huis af dendert, zwellen echter aan. Dit geeft de situatie een absurde en afschuwelijke lading en doet je geloven dat je verzonken bent in een koortsdroom. Je krijgt de indruk in een wereld te zijn waarin een oorverdovende verschrikking plotseling uit een klein, onbeduidend hoekje over je heen kan spoelen.
Het sounddesign zorgt door de constante aanwezigheid van geluid voor een continuïteit die de kijker (en luisteraar!) opzuigt en vasthoudt in de nachtmerrie die Eraserhead is. Gek genoeg wordt deze continuïteit niet bereikt door een stroom die over de sneden in het beeld heen vloeit. Meestal wordt het geluid gelijk met het beeld gesneden, waardoor vrij harde cuts ontstaan, die juist een krachtige continuïteit bevestigen. Op deze manier lijkt het geluid deel uit te maken van de wereld die Lynch toont, hoe vreemd en onwerkelijk de klanken ook zijn. De geluiden geven niet alleen dreigende sfeer weer, maar lijken werkelijk direct geluid van de omgeving, dat klinkt van een muur of een stoel wellicht.
Zo is er een aantal objecten in Eraserhead dat duidelijk een eigen geluid heeft, vaak een bizarre combinatie van klanken, die hun zogenaamde bron een vreemde lading geven. Voorbeelden hiervan zijn de radiator in Henry's kamer, die wellicht staat voor de dood; geluid van sissend gas en uitzettende verwarmingsbuizen, vermengd met iets dat lijkt op een grote zwerm sprinkhanen. Overigens klinkt aan het einde van de film, als Henry sterft en bij de misvormde vrouw in de radiator komt, hetzelfde geluid alleen hoger en heftiger, alsof de radiator, tikkend en sissend in Henry's kleine kamertje, altijd al de poort naar de dood is geweest.
Het kastje waarin Henry de worm uit zijn postvakje bewaart, klinkt als een kruising tussen een scheepshoorn en een propellervliegtuig. Iedere keer als de camera hierop richt of alleen al in de richting draait, verstomt al het andere dat klonk en zwelt dezelfde vreemde droon aan.
Buiten klinkt altijd fabrieksgeluid, soms ver weg, soms vlakbij, en er is altijd het geluid van wind, die soms inzakt tot onveranderlijke ruis en soms trillende flarden van verre orgelmuziek met zich meevoert. Hetzelfde orgel klinkt dreigend vrolijk op het podium acher Henry's radiator, waarop de misvormde vrouw haar lugubere dansje opvoert terwijl ze tientallen wormen met een soppige splet vermorzelt.
Naast het geluid van de atmosfeer in de film, de stroom van klanken die door de hele film heen het beeld manipuleren, en naast de klanken die symbool staan voor bepaalde objecten in de film, zijn ook de directe geluiden van voorwerpen of bewegingen vaak vreemd. Veel van deze geluiden zijn overdreven of extra hard of gewoon ronduit absurd, zoals het kokende water naast de zieke baby, het gekraak van Henry's oogbollen als hij er in wrijft, het piepen van de puppy's die aan de tepels van hun moeder sabbelen bij de ouders van Mary X thuis, en het platstampen van de wormen.
Een van de meest dramatische geluid/beeld combinaties is de passage tegen het einde van de film, als Henry zijn mooie en onbereikbare buurvrouw op de gang in de flat met een andere man ziet. Hij lijkt haast misselijk van ontzetting, aanzwellende klanken van een elektronisch orgel boren in zijn hoofd als hij de man haar ziet betasten. Zodra er een close-up volgt van het gezicht van de vrouw, duidt een plotselinge omslag in het geluid aan dat de situatie vanuit een ander oogpunt wordt getoond: het oogpunt van de vrouw. De statische, lage toon die haar blik vergezelt symboliseert duidelijk haar gemoedstoestand. Zij ziet Henry, maar op de plaats van zijn hoofd zit nu het afzichtige hoofd van de baby. Een close-up van Henry's walgende gezicht volgt, weer bijgestaan door een plotselinge omslag in het geluid naar de orgelklanken: de situatie door Henry's perspectief. Deze wisselingen volgen elkaar nog een paar maal op, steeds sneller achter elkaar.
De geluiden hebben Henry in hun greep. Als hij bij zijn bezoek aan het ouderlijk huis van Mary X bijkomt van een bloedneus, zwelt voor de tweede keer het geluid van een denderende trein aan. Henry's blik zoekt op een haastige en nerveuze manier de grond af en stuit op de hond die hem vervaarlijk aankijkt. Zijn blik gaat verder, meegesleurd door het voorbijrazen van de trein, over de grond en stopt abrupt bij een raam. Een stilte volgt.
Wellicht is de wereld van Eraserhead die Lynch de kijker laat zien en horen - de wereld waarin alles vreemd lijkt en klinkt - slechts de wereld door de ogen en oren van Henry. Slaapt Henry, en is de camera even los van zijn belevingswereld, zoals het moment voor Henry's bizarre droom, dan ontbreken sommige van de vreemde geluiden die van de omgeving klinken. De camera draait naar het kastje in Henry's kamer, waar tot dan toe zonder uitzondering de klank van een verre scheepshoorn vanaf klinkt, maar nu blijft het stil, alsof alles minder vreemd is als je als kijker even uit Henry's hoofd bent.
Opmerkelijk is dat bijna al het gecomponeerde geluid in de film - het geluid dat een sfeer of een gemoedstoestand weergeeft, of het geluid dat zorgt voor dreiging of spanning - lijkt te klinken uit de omgeving, alsof het werkelijk daar is en toevalligerwijs samenvalt met de gebeurtenissen. Alsof er, juist als er iets dreigends gebeurt, buiten een trein voorbijraast met een hoop kabaal, zoals bijvoorbeeld de scene waarin de vader van Mary X zich voorstelt. In deze scene, en in vele andere scenes, lijkt het 'toevallige' omgevingsgeluid de complete controle te hebben over de situatie. Al het geluid dat klinkt in de Eraserhead wereld, de fabrieksgeluiden, de wind, het orgel, etc. lijkt de bepalende factor te zijn wat betreft de sfeer van de gebeurtenissen waarin Henry verzeild raakt. Het is niet zo dat bijvoorbeeld de onheilspellende wind op sommige momenten slechts de gebeurtenissen illustreert, het lijkt meer of het de gebeurtenissen stuurt. Als je daarbij bedenkt dat deze allesbepalende geluiden omgevingsgeluid voorstellen eerder dan een later gecomponeerde soundtrack, maakt dat de wereld die Lynch wil tonen, de wereld waarin Henry zich staande probeert te houden, helemaal angstaanjagend.

 

 

Literatuurlijst / Bronvermelding:

David Lynch
Michel Chion
ISBN 0-85170-456-5
ISBN 0-85170-457-3 (paperback)

Great film makers: The Films of David Lynch
John Alexander
ISBN 1-85238-360-7

Website van sounddesigner John Verbeck, ex-collega Alan Splet
http://www.sfo.com/~verbeck/sanfran.html -

Diverse verzamelde artikels en essays
http://www.davidlynch.de

Eraserhead Frequent Asked Questions (FAQ)
http://www.netmediapro.com/maninblack/EraserHead/Eraserhead_FAQ.htm

Diverse artikels uit Sight and Sound

Met dank aan Ann Kroeber, weduwe van Alan Splet.